was in Australië van juni 1999 t/m januari 2000


– De lucht is groter
– Auto’s rijden links
– Jus d’orange heet ‘Daily juice’
– Meer restaurants en weinig supermarkten
– Lichtknopjes zitten bij oudere huizen vaak in houten kozijnen van deuren
– Doucheleidingen zijn in de muren verwerkt, slechts kop en knoppen steken uit
– In de universiteitsgebouwen heet begane grond ‘level 2’ en eerste is verdieping ‘level 3’
– Koffie verkeerd is ‘latté’, ‘white coffee’ of ‘flat white’, gewone coffee is verdeeld in ‘short black’ en ‘long black’
– Boterhammen worden getoast
– Op straten en trappen is het beleefder om passanten van de andere riching links
te passeren
– Meer Aziaten
– Japanse restaurants zijn gewoon en niet duur
– ‘Hi, how are you?’ is het eerste dat je tegen iemand zegt, ook bij onbekenden
– Bijna overal licht vloerbedekking op de grond
– Weinig mensen roken
– Veel gebouwen zijn ‘non-smoking-areas’ en dus staan er bij de entrees op straat groepje rokende mensen
– Bakkers of wat daar op lijkt hebben een bar, tafels en stoelen
– Alle eet- of drinkwaren zijn ‘drink here’ of ‘take away’
– De ‘take away’-koffie heeft een plastic deksel met drinktuitje
– Meerderheid van de restaurants is niet ‘fully licenced’ en dus een ‘BYO’ (Bring Your Own drinks: eigen fles wijn meebrengen)
– Veel muren (binnen en buiten) zijn egaal geschilderd in diverse kleuren die net iets minder helder zijn dan in Nederland
– Woonhuizen maken vaak een kale, onaffe en rommelige indruk (mist de ‘Hollandse gezelligheid’?)
– Muntstukken zijn onlogisch verdeeld in formaat en waarde
– Kunst is minder duidelijk
– Iedereen is uitermate geïnteresseerd tijdens gesprekken
– Bij stopcontacten zit een knopje om de stroom aan of uit te schakelen
– Als een van de ouders of voorouders Nederlands blijkt te zijn zeggen mensen dat vol trots tegen mij
– De markt verkoopt veel meer soorten vlees, vis en fruit, met meer smaak
– De straten zijn breder, overal kan een ‘U-turn’ gemaakt worden
– Net buiten het ‘inner-centrum’ hebben huizen meestal maximaal één verdieping, verdere surburbs hebben bij voorkeur slechts begane grond
– Inwoners van het centrum kunnen geen parkeervergunning krijgen
– Veel palm- en eucaliptusbomen, de laatste hebben vaak een naakte, strakke witte stam
– In de surburbs hebben alle huizen voor- en achtertuin
– Ieder dorp of stad heeft een botanische tuin, die van Melbourne is groot en onnoemelijk mooi
– Vogels maken andere geluiden
– Bomen zijn groter
– ‘No’ wordt uitgesproken als ‘neu’ en ‘thank you’ is ‘ta’
– Op naambordjes bij kunstwerken staat geboortejaar en -land van kunstenaar en jaar van aankomst in Australië, in plaats van vertrek vaderland
– Voorts staat er regelmatig geschreven over de gebruikte materialen, context van het kunstwerk en kunstenaar, waar de kunstenaar zich mee bezig houdt, wat goed of belangrijk is aan het werk en soms ook nog de cultuur historische waarde. Dit verhaal hangt, gedrukt op een A4-tje naast de werken.
– Alles dat meer dan 100 jaar bestaat is behoorlijk oud
– Kunst lijkt een individuele wiskundesom, de tekst naast het werk legt de som enigzins uit, weer naar het werk kijkend wordt de tekst begrijpbaar
– Er wordt weinig gerelativeerd, ook kunst niet
– Het is verplicht een helm te dragen op de fiets
– Er zijn weinig fietsers, die er wel zijn hebben een mountain- of citybike
– Magere melk heet ‘skinny milk’
– Op pakken melk staat vooral gedrukt wat er niet in zit of minstens 50% minder
– Bij gedag of welkom geeft men elkaar één kus op de wang
– Mijn zomerjas is hier winterjas
– Mensen hebben mindzer spullen
– Tussen de wit gestreepte lijnen op de wegen zijn reflectoren die de richting van de wegen in het donker accentueren en bobbelen als eroverheen gereden wordt
– De zon draait de andere kant op
– In gootstenen draait het water tegen de klok in het putje door
– Veel Australiërs hebben, of zelf of met de familie, een buitenhuis in de ‘country’
– Zeewater is glashelder
– Als de deur achter je open blijft vraagt men of je in een tent geboren bent
– Koffie wordt in huizen haast altijd in een cafétière gezet (geen koffiezetapparaat)
en er wordt koude melk in geschonken, of soyamelk
– Mensen zijn ontzettend beleefd
– Bijna iedereen draagt zwarte kleren, of grijs
– Thee wordt heel zwaar gemaakt
– Mensen zijn complimenteuzer, ook publiekelijk
– Buitenlanders heten ‘people from overseas’
– Er mag pas naar een balie gelopen worden nadat de baliemedewerkster zegt: “next please”
– Weinig lantarenpalen
– Melbourne heeft heuvels en soms grote stadse vergezichten
– Fietskoeriers zijn een zeldzaamheid
– Bierflesjes hebben een draaidop, al lijkt de dop identiek aan de Nederlandse
– Aarde is rood
– Mensen praten zachter
– Tijdens lezingen of klassen maken mensen meer aantekeningen
– De maximumsnelheid is 100 km/u en heel soms 110
– Bij kruispunten staan er ook stoplichten aan de andere zijde van het kruispunt,
op de plek waar de volgende weg start
– Stranden worden onderbroken door rotsen
– Café’s zijn veel verder uit elkaar, één centrale plek met bars ontbreekt, de taxi brengt je van de een naar de volgende
– Australiërs lijken meer alcohol te drinken
– Melbourne heeft geen concurrentie van steden in de buurt, de eerstvolgende
echt grote stad is Sydney, 886 kilometer verder
– Steden zijn voor auto’s gebouwd
– Mensen gaan veel vaker uit eten
– Een Nederlander die emigreert blijft Nederlander, iemand die in Australië
immigreert wordt Australiër
– Auto’s halen elkaar op meerbaanswegen links en rechts in
– Veel huizen hebben een veranda
– Bij ‘artist runned spaces’ betalen exposerende kunstenaars zelf de huur van de ruimte tijdens hun expositie (rond f 300,- per week)
– Er zijn meer 60 plussers met joggingpak, en/of oudere mannen met baseballpet
– Slagroom is ongezoet en minder stijf geklopt
– In trams wordt er zelden gecontroleerd naar geldige vervoersbewijzen, als het gebeurt gaan tramcontroleurs in cognito (‘I’m from Holland and I’ve just arrived’ doet wonderen)
– Er bestaat één officiële grote plattegrond van Melbourne die als standaard geldt en waar in stads- of culturele gidsen naar verwezen wordt
– Kinderen dragen schooluniformen
– In bars en restaurants worden meer rietjes gebruikt
– Australische kunstenaars lijken meer te weten over de Europese kunstgeschiedenis
– Veel mensen ‘have done Europe’
– Kunstenaars zijn theoretischer
– Geen kleine tegels op de stoepen, maar asfalt of grote gladde tegels
– Fietspaden zijn zeldzaam
– Minder (zichtbare) zwervers
– De eetcultuur is zoveel rijker, als ook de uitgaanscultuur
– Zeegolven zijn groter en sterker
– Bijna nergens is centrale verwarming
– Huizen hoeven niet zo geïsoleerd te worden voor het koude weer als in Nederland, dat maakt huizen bouwen makkelijker en goedkoper
– Veel lokaties van huizen zijn gekozen voor het uitzicht en niet de afstand tot een bakker, kerk of dorp
– Australiërs schatten de leeftijd van Europeanen lager omdat hun huid minder beschadigd is door de zon en er daardoor jonger uitzien

– Voor het eerst voel ik mij een ‘Europeaan’